eggink_7

Dirk Eggink was de eerste gemeentesecretaris van Haarlemmermeer

Wie begraafplaats De Iepenhof bezoekt, loopt letterlijk door de geschiedenis van Haarlemmermeer. Geïnteresseerden zouden aan de hand van de familienamen op de graven een prachtige geschiedenis kunnen schrijven. Dit is deel 7 in de serie met bijzondere graven: de rustplaats van Dirk Eggink, de eerste gemeentesecretaris van Haarlemmermeer*.

Van 1852 tot 1855 berustte het gezag over het droge Haarlemmermeer bij de Commissie van Beheer en Toezicht, die nauwelijks machtsmiddelen bezat noch een reglement en zich passief gedroeg. Immers, met de droogmaking in 1852 was hun taak volbracht. Bij wet van 11 juli 1855 werd de gemeente Haarlemmermeer ingesteld als één gemeente behorend tot de provincie Noord-Holland.
Op 16 november 1855 kwam de pas gekozen gemeenteraad voor het eerst bijeen in het raadhuis te Heemstede. In deze constituerende vergadering deed de burgemeester mededeling van zijn benoeming per 14 september en werden de geloofsbrieven van de gekozenen onderzocht en in orde bevonden. Na de installatie van de raadsleden werd het eerste besluit van de raad genomen: men besloot het raadhuis van Heemstede voorlopig als raadhuis te gebruiken.
Op 27 november vergaderde de raad alweer. De agendapunten waren de benoeming van wethouders en van de gemeentesecretaris. Voor de benoeming van een secretaris stelde het college van burgemeester en wethouders voor te kiezen uit een tweetal, namelijk E.W. van Brederode en Dirk Eggink.
De volgende vergadering was op 30 november en weer begaven de Haarlemmermeerse raadsleden zich naar Heemstede. Van Brederode bleek zich te hebben teruggetrokken en Eggink werd met algemene stemmen gekozen tot gemeentesecretaris. Hij zou dat ambt 54 jaar lang bekleden. Eggink was bij zijn benoeming een jongeman van 23 jaar – geboren op 8 oktober 1832 te Alkemade, aldus de hardstenen grafsteen van grafnummer 007 met een opvallende urn aan de voet van de grafdekking – die enige jaren ervaring had met de gemeenteadministratie en de specifieke problematiek van het platteland als ambtenaar van de gemeente Alkemade. Uit archiefstukken blijkt dat Eggink veel schreef: zo’n 6.000 tot 7.000 brieven, verslagen en notities per jaar, ongeveer 20 per dag. Daarnaast nam deze veelschrijver ook het secretariaat van veel organisaties op zich. Kortom, een man die 54 jaar lang van grote betekenis is geweest voor Haarlemmermeer tijdens de pioniersjaren. Zo was hij in zijn ‘vrije tijd’ jarenlang secretaris van de Haarlemmermeerse afdeling van de Hollandse Maatschappij voor Landbouw (HML), van de Kerkvoogdij van de Nederlands Hervormde Kerk in Haarlemmermeer en 25 jaar secretaris/penningmeester van ‘Het Witte Kruis’. Eggink trouwde in 1858 en kreeg 14 kinderen.
In 1905 was Eggink 50 jaar gemeentesecretaris en werd hij gehuldigd. In 1908 trad mr. A. Slob aan als nieuwe burgemeester. Eggink diende nog één jaar onder ‘zijn’ vierde burgemeester en nam op 7 september 1909 op bijna 77-jarige leeftijd afscheid. Bij zijn afscheid constateerde burgemeester Slob dat: “u de vrucht van uw arbeid heeft gezien. Van eene woestenij in de natuur en eene woestenij in de administratie is Haarlemmermeer geworden eene bloeiende gemeente met vruchtbare akkers en met eene administratie welke meermalen geprezen is.” Hij werd bij die gelegenheid bevorderd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. Als pensioen kreeg Eggink f. 1.000 per jaar en hij mocht in het raadhuis blijven wonen. Hij overleed op 1 juni 1911. Jaren later werd er bij de gemeente Haarlemmermeer een oorkonde ingesteld voor ambtenaren die zich bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt voor de gemeente. Slechts een naam was denkbaar voor een dergelijke oorkonde: de Eggink-penning.

Tekst en beeld: Marcel Harlaar
*Meer en uitgebreid is over Dirk Eggink geschreven o.a. door Dick Krijger in het boek ‘Besturen in Verandering’, uitgave Meer-Historie.

Gepubliceerd in het Witte Weekblad, editie Hoofddorp