Pos eren

Grafstukje_2

De zandstenen grafzerk van Meester Pos

Wie begraafplaats De Iepenhof bezoekt, loopt letterlijk door de geschiedenis van Haarlemmermeer. Geïnteresseerden zouden aan de hand van de familienamen op de graven een prachtige geschiedenis kunnen schrijven. Dit is deel 3 in de serie met bijzondere graven: Hendrik Pos

Grafnummer 2G/072 is de grafzerk van Hendrik Pos (1860-1931), oud-hoofd van de Christelijke school te Hoofddorp heeft een opvallende spitsboogvormige opening met aan weerszijden geboortedatum en datum van overlijden en twee zandlopers die duiden op de kortstondigheid van het leven en op het naderen van het stervensuur. De omkeerbaarheid van de zandloper wordt in de Christelijke traditie gezien als het nieuwe leven en de wederopstanding. De opening in de zerk verwijst naar de zelfbeschrijving van Jezus: ‘Ik ben de deur; als iemand door Mij binnenkomt, zal hij behouden worden…’. Deze beschrijving uit het evangelie van Johannes is later in veel kerken verzinnebeeld door rijk versierde en grootse kerkdeuren. Twee tekens aan de bovenkant aan weerszijden van de woorden ‘Ter nagedachtenis aan’ verwijzen ook naar het Christendom: Alfa en Omega, de eerste en de laatste letter van het klassieke Griekse alfabet waarmee Gods almacht wordt uitgedrukt. Dat Pos hoofd van de Christelijke school was spreekt ook uit het onderschrift (of opschrift) op de grafdekking: ‘Hij leidde hen tot Jezus’. Aan de voet van de grafdekking staat ‘zijn oud-leerlingen’.
Hoofdonderwijzer Pos moet vele leerlingen hebben gehad die hem waardeerden voor zijn inzet en betrokkenheid bij het Christelijk onderwijs. Van zijn begrafenis weten we dat die op donderdagmiddag plaatsvond te … Ermelo. Hij werd onder zeer grote belangstelling, zowel van de zijde van zijn nieuwe woonplaats alsook van zijn oud-leerlingen op de stille dodenakker van Ermelo aan de schoot der aarde toevertrouwd. Een tiental sprekers voerde het woord aan de groeve. Bij allen kwam naar voren de grote liefde voor de minzame Christen die van hen ging. Hij was een man in de eerste plaats voor het onderwijs, om vooral daarin het kind tot het geloof te brengen. Pos was een maatschappelijk betrokken en veelzijdig man die zich manifesteerde op vele terreinen, zowel politiek, kerkelijk als sociaal. Hij behoorde tot de voorwerkers, aldus het krantenbericht, op de hem toevertrouwde posten. Daarbij was hij zeer bescheiden.
We hebben hier dus te maken met een overplaatsing van een graf, maar navraag omtrent het hoe en waarom leverde alleen maar meer vragen op. Gerrie Blijleven, die werkzaam is als gastvrouw op De Iepenhof is bezig uit te zoeken hoe het graf van Pos in Hoofddorp is gekomen. Het is voor haar ook een mysterie omdat zij nergens in de documentatie kan terugvinden dat het om een overplaatsing gaat. Haar speurtocht voerde langs gemeenteambtenaar Fred Boon die eveneens nergens informatie over eventuele overplaatsing kon vinden. Nu is bij de begraafplaats in Ermelo geïnformeerd of er daar iets bekend. Wordt vervolgd, zeg maar.
Het graf van Pos staat in ieder geval op een symbolische plek (2G/072) omdat het

devies van Pos verwoord wordt in het laatste vers van Psalm 72. De zerk staat ietwat scheef waardoor de verticale lijnen bovenaan de boog niet helemaal recht op elkaar staan. Ook zo’n bijzonder detail aan het enige zandstenen grafmonument op begraafplaats De Iepenhof. De steen was dus ooit geelbruin, nu is hij door verwering grijs. Doordat tussen de afzettingen ook bepaalde oxides en andere mineralen voorkomen, kan de kleur verschillende varianten bruinrood tonen. Zandsteen bestaat voornamelijk uit kwarts. Zandsteen wordt niet meer gebruikt. Het is ongezond om ermee te werken en daarom verboden. In 2004 waarschuwde de beheerder van de Algemene Begraafplaats aan de Kleverlaan te Haarlem de heer Boelé in het blad Meer-Historie al voor het verval van De Iepenhof, maar ook op de opmerkelijke zandstenen zerk van Pos: ‘Ik weet wel, je kan niet alles bewaren, maar sommige graven mogen niet verloren gaan. Deze grafsteen mag absoluut niet verloren gaan.’

Tekst en beeld: Marcel Harlaar
Gepubliceerd in Het Witte Weekblad – Hoofddorp